Manwerk

Manwerk Is het spectaculairste onderdeel binnen het IPO- programma. De buitenwereld kijkt hier echter vaak onterecht met afwijzende blik naar. Met name de agressie die bij de hond en pakwerker vrijkomt, schrikt veel mensen af. Onbekend maakt nu eenmaal onbemind. Wij leggen graag uit hoe het werkelijk zit.

Van teckel tot pitbull: iedere hond kan bijten. Wij leren Duitse herders met manwerk om bewust om te gaan met hun tanden (verdedigingswapens) en wel onder extreme dreiging van stem en stok. De hond moet over een hoge dosis moed beschikken, om hier weerstand tegen te bieden. Waarom? De Duitse is een werkhond en daarvoor is het belangrijk dat hij drift heeft, zelfverzekerd is en belastbaar is.

Volle beet

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dat wordt bij dit onderdeel getraind en beoordeeld aan de hand van een goed opgebouwd trainingsprogramma. Pups worden vanaf vijf maanden gejut met een juten zak/rol aan een touw, om het jachtinstinct en de buitdrift te ontwikkelen. De pakwerker leert de jonge hond blaffen om de buit te krijgen en er wordt langzaam toegewerkt naar een volle, vaste en zekere beet.
De hond wordt gestimuleerd om 'het gevecht' met de pakwerker aan te gaan en de buit te veroveren. De pakwerker laat de hond veelvuldig winnen, waardoor die steeds zelfverzekerder wordt. Pas dan wordt er voorzichtig belast met de stem, stok en lichaamshouding.

Drift
De driften nemen toe naarmate de hond ouder wordt. Dan spelen discipline en gehoorzaamheid een belangrijkere rol. Onze instructeurs leren de geleiders hoe ze controle houden over hun hond. Dat wordt zoveel mogelijk op een positieve manier gedaan. De beloning (bal/rol/mouw) wordt gebruikt om het gewenste gedrag te stimuleren. Toch is het soms ook nodig om een positieve correctie toe te passen: een bestraffing om het verkeerde gedrag af te leren. Onze ervaren instructeurs zien er op toe dat dit gedoseerd wordt toegepast.